Coming Apart: The State of White America
Julie 5, 2012
Protea Boekhuis: literaire vertalingen in het Afrikaans
Julie 9, 2012

Door prof. Danie Goosen, Voorzitter van de FAK-Directie

Onlangs heeft professor Danie Goosen, voorzitter van de FAK-directie, een bezoek gebracht aan Nederland en Vlaanderen. Lees hieronder zijn verslag over dit inspirerende bezoek.

‘Tijdens het bezoek van de FAK aan de Lage Landen onlangs vielen mij vooral de hartelijkheid, welwillendheid en begripvolle ontvangst die we bij onze vrienden daar aangetroffen hebben op. Mijn indruk is overigens dat we op grond van deze ervaring met veel verwachting een tijdperk van hechte verhoudingen en hartelijke samenwerking tussen de FAK en vrienden van de Afrikaners in de Lage Landen tegemoet kunnen zien.

Voordat ik meer specifiek inga op het bezoek van de FAK verwijs ik graag naar een andere gebeurtenis, direct voorafgegaan aan het FAK-bezoek. Hoewel waarschijnlijk weinig mensen bewust zijn van het bestaan ervan, bestaat het Nederlandstalige-Afrikaansche Wijsgerig Genootschap (NAWG) reeds jarenlang.

Dit jaar hield het NAWG op 24 en 25 mei haar jaarlijkse conferentie in Antwerpen. Afgezien van de interessante wijsgerige referaten die tijdens de conferentie gehouden zijn, is het binnen de context van de FAK interessant om te weten dat de referaten in zowel het Afrikaans als in het Nederlands werden voorgedragen. Enkele leden van de FAK hebben aan deze conferentie deelgenomen. Zoals gewoonlijk hebben zij het ervaren als een uiterst zinvol contact met onze Nederlandssprekende vrienden in de wijsgerige wereld.

Maar nu terug naar het bezoek van de FAK. Enkele dagen na afloop van bovengenoemde conferentie hebben mijn collega prof. Koos Malan van de Universiteit van Pretoria en ik namens de FAK enkele leidinggevende Vlaamse Europarlementariërs ontmoet. Behalve dat het gesprek in een vriendelijke sfeer heeft plaatsgevonden, stemden we ook over een belangrijke zaak overeen. De FAK houdt volgend jaar een conferentie in Zuid-Afrika over het thema ‘cultuurgemeenschappen vandaag de dag’. Tijdens dit gesprek is de mogelijkheid besproken dat een groep parlementaire afgevaardigden uit Vlaanderen aan de conferentie zal deelnemen. Hopelijk kan de FAK binnenkort in dit verband vorderingen aankondigen.

Op dinsdag 29 mei heb ik het Zuid-Afrika Huis bezocht aan de Keizersgracht in Amsterdam en na afloop daarvan een vriendschappelijk gesprek gevoerd met Willem Bronkhorst, de nieuwe voorzitter van de Nederlands Zuid-Afrikaanse Vereniging (NZAV). In dit gesprek stond de vraag centraal hoe de FAK en de NZAV hun onderlinge samenwerking kunnen versterken. Het is voor de FAK van groot belang om een sterkere aanwezigheid in Nederland te handhaven, en de FAK beschouwt de NZAV, gehuisvest in het Zuid-Afrika Huis, als een belangrijke vennoot in dit verband. Ook met deze zaak zijn er vorderingen gemaakt en hopelijk kan de FAK ook over deze aangelegenheid binnenkort meer bijzonderheden bekendmaken.

Na afloop van bovengenoemd gesprek heb ik in Den Haag een parlementaire groep uit de Eerste en Tweede Kamer ontmoet en een korte toespraak gehouden over Zuid-Afrika, en in het bijzonder de ‘situatie’ van de Afrikaners. Na afloop van deze voordracht hebben we in een vraag- en antwoordsessie een breedvoerig gesprek gevoerd over het betrokken thema.

Ik was werkelijk verrast door de positieve ontvangst die ons in Den Haag ten deel gevallen is, en in het bijzonder over de belangstelling en het gevoel van betrokkenheid bij de situatie van de Afrikaners die in de gemoederen van deze groep parlementariërs heerst.

Uiteraard wil de FAK als cultuurorganisatie niet betrokken raken bij partijpolitieke verdelingslijnen. Voor de FAK is het juist van het allergrootste belang om bondgenootschappen te handhaven met een grote verscheidenheid van instellingen, partijen en organisaties. Evenwel heeft het bezoek aan Den Haag de FAK laten inzien dat er grote mogelijkheden zijn van samenwerking met de Nederlandse en Vlaamse politieke wereld, en dat we over een breed gebied een sympathiek luisterend oor vinden bij onze ‘verre familieleden.’

Dr G.J. Schutte schrijft in zijn boek Nederland en de Afrikaners (Franeker: Uitgeverij T. Wever B.V., 1986) dat de verhouding tussen hen dikwijls door “adhesie en aversie” gekenmerkt is. Vanwege het bezoek van de FAK zijn wij vol vertrouwen dat de toekomstige verhouding tussen de Nederlanders en de Vlamingen aan de ene kant, en de Afrikaners aan de andere kant door een bijzonder sterke vorm van “adhesie” gekenmerkt zal zijn.’

Comments are closed.

error: Content is protected !!