Boekresensie: Die lesse uit die Weste
Maart 5, 2013
Wêreldberoemde Nederlandse orkes in Suid-Afrika
Maart 5, 2013

Het aftreden van koningin Beatrix past in een Nederlandse traditie
Door Lex de Jongh, jurist en MA Internationale Betrekkingen

Op 28 Januarie het koningin Beatrix aangekondig dat sy gaan aftree as koningin der Nederlanden. Haar oudste seun, troonopvolger Willem-Alexander, sal op 30 April koning van Nederland word. Onderstaande artikel gee ’n oorsig van die nuwe koning se voorgangers, die koning se rol en die vir Nederland kenmerkende wyse waarop die koningsamp oorgedra word.

In korte tijd kondigden twee vorsten, koningin Beatrix van Nederland en kerkvorst paus Benedictus XVI hun aftreden aan. Vooral het aftreden van de paus baarde opzien aangezien dit voor het laatst in 1415 gebeurde. De abdicatie van het inmiddels 75-jarige Nederlandse staatshoofd werd vooral in het buitenland als een verrassing gezien. In Nederland zelf kwam het tijdstip voor sommigen weliswaar onverwacht, maar het aftreden zelf past in een Nederlandse traditie waarin het koningschap meer gezien wordt als een professioneel beroep dan als een goddelijke roeping. Anders dan bij de Heilige Vader, die aangaf zijn functie niet meer naar behoren te kunnen uitoefenen, liet Beatrix in haar toespraak op 28 januari weten niet terug te treden “omdat het ambt mij (Beatrix) te zwaar zou vallen, maar vanuit de overtuiging dat de verantwoordelijkheid voor ons land nu in handen van een nieuwe generatie moet liggen.” Beatrix drukte hiermee speculaties de kop in dat haar aftreden te maken heeft met de gezondheidstoestand van haar zoon Johan Friso, die sinds een skiongeluk in februari 2012 in coma ligt.

Voorgangers

Beatrix gaf ook aan dat zij de viering van haar 75ste verjaardag en 200 jaar koninkrijk een gepast moment vindt om terug te treden. Sinds Nederland in 1813 een onafhankelijk koninkrijk werd zijn er drie koningen en drie koninginnen uit het huis Oranje-Nassau geweest die het land als staatshoofd hebben gediend. Vier van hen hebben tijdens hun leven het ambt vrijwillig neergelegd. Het begon bij de eerste Nederlandse vorst Willem I (1772-1843) die in 1840 verbitterd aftrad omdat hij niet had kunnen voorkomen dat België zich losmaakte van Nederland en omdat hij wilde trouwen met een Belgische, en bovendien, katholieke gravin.

De traditie van voortijdig aftreden, waarin ook Beatrix zich eind januari schaarde, begon pas echt bij haar grootmoeder koningin Wilhelmina (1880-1962). Zij kwam als 18-jarige op de troon, en genoot meteen een grote populariteit door het tijdens de Tweede Boerenoorlog (1899-1902) op te nemen voor de stamverwante Boeren. Haar krijgshaftige optreden bleek een voorbode  voor de Tweede Wereldoorlog (1939-1945) toen Nederland bezet werd door Nazi-Duitsland en Wilhelmina vanuit Londen de moraal hoog hield en uitgroeide tot moeder des vaderlands. De oorlog had echter ook zijn tol geëist en zij kon de kracht niet meer opbrengen sturing te geven aan de wederopbouw van het land. Toen zij 50 jaar op de troon zat, in 1948, maakte zij plaats voor haar dochter Juliana. Koningin Juliana (1909-2004) is vooral de geschiedenis in gegaan als de vorstin die grote moeite had met het stijve protocol en probeerde het koningschap een menselijker gezicht te geven en dichter bij het volk te brengen. In 1980, na een regeerperiode van 32 jaar, gaf zij het stokje over aan haar dochter Beatrix. Zij was toen 71 jaar oud.

Typisch Nederlands

Nu ook koningin Beatrix na 33 jaar vrijwillig plaats maakt voor een nieuwe generatie wordt eens te meer duidelijk dat Nederland hiermee een aparte positie inneemt ten opzichte van andere monarchieën. In landen als het Verenigd Koninkrijk, Spanje, België en de Scandinavische landen is het immers gebruikelijk dat het staatshoofd in het harnas overlijdt en wordt een abdicatie sterk geassocieerd met een constitutionele crisis. In de genoemde landen gebeurde het slechts twee keer dat een vorst voortijdig aftrad. In 1936 trad de Engelse koning Edward VIII binnen een jaar af omdat hij wilde trouwen met de gescheiden Wallis Simpson en in 1951 moest de Belgische koning Leopold III het veld ruimen vanwege zijn houding in de Tweede Wereldoorlog. Alleen in het groothertogdom Luxemburg bestaat een soortgelijke traditie als in Nederland. Dit opmerkelijke verschil wordt voornamelijk verklaard doordat het koningschap in Nederland meer gezien wordt als een beroep waar een zeer professionele invulling aan wordt gegeven dan als een roeping. In Nederland is de benadering dus zakelijker. De hoge eisen die gesteld worden aan de uitoefening van het ambt vergen weliswaar een lange en zorgvuldige voorbereiding maar ook iemand in de kracht van zijn leven. Dat de hoogbejaarde Engelse koningin vanwege de traditie en de roeping niet wil aftreden waardoor de toekomstige koning Charles pas aan de beurt is als hij al in de herfst van zijn leven is, wordt in Nederland niet goed begrepen.

Constitutionele rol van de koning

De zakelijke benadering heeft ook te maken met de positie van de Nederlandse koning(in). Deze valt uiteen in twee rollen. Allereerst is zij staatshoofd, wat voornamelijk een ceremoniële functie is, die vooral tot uiting komt bij nationale gebeurtenissen en staatsbezoeken. Daarnaast is zij formeel onderdeel van de regering. Ondanks dat de koningin onschendbaar is en de ministers verantwoordelijk zijn, waardoor zij geen feitelijke macht heeft, is het niet altijd duidelijk hoever de invloed van de vorst reikt. Als onderdeel van de regering heeft zij het recht te worden geïnformeerd en te adviseren en voert hiertoe geregeld overleg met de eerste minister. Ook treden wetten pas in werking als ze door de koningin zijn ondertekend. Tot voor kort ontleende de koningin de meeste invloed aan haar rol in de kabinetsformatie. Na de verkiezingen was zij het immers die het initiatief nam en een informateur aanstelde om de mogelijkheden voor een nieuwe regering te onderzoeken. Hoewel gering kon zij op deze manier toch invloed uitoefenen op de samenstelling van het landsbestuur. Bij de laatste verkiezingen in september 2012 werd echter door het parlement besloten dat een verkenner niet langer door de koningin zou worden aangewezen maar door het parlement zelf. Hiermee is een belangrijk stukje invloed van de Nederlandse monarch aan banden gelegd. Hoewel het bekend is dat Beatrix hier zeer op tegen was, is het onwaarschijnlijk dat het van invloed is geweest op haar aftreden.

Koning Willem-Alexander

Als koningin Beatrix op 30 april a.s. de troon overgeeft aan haar zoon Willem-Alexander (1967) treft deze een koningschap aan dat weliswaar aan politieke invloed heeft ingeboet maar nog lang niet alleen maar ceremonieel is zoals in Zweden. Met bijna 46 jaar op de teller barst de toekomstige koning van de energie om zijn zware taak aan te pakken. Met een dochter en opvolger van slechts 9 jaar oud zal het nog wel een tijdje duren voordat koning Willem-Alexander aftreedt, maar gezien de Nederlandse traditie zal dat moment onvermijdelijk komen. In Nederland is het nu eenmaal niet “de koning is dood, leve de koning!”, maar “de koning is klaar, leve de koning!”

Comments are closed.

error: Content is protected !!